NieuwsOnderzoek

Journalisten: ‘CBR jurist kan strafrechtelijk vervolgd worden!’

Volgens journalisten heeft een CBR-jurist zich gewend tot nationale en internationale hostingproviders met uitlatingen die het karakter dragen van een persoonlijke campagne. In die correspondentie worden insinuaties gedaan over vermeend beheer van websites en het afsluiten van hostingovereenkomsten, waarbij wordt gesproken over “zeer sterke aanwijzingen” en wat wordt “vermoed”. Deze beweringen worden echter niet gestaafd met concrete feiten, verifieerbaar bewijs of enig rechterlijk oordeel.

Ambtsmisdrijven en opzet

Het Nederlandse strafrecht biedt een expliciet kader voor dergelijke situaties. Ambtsmisdrijven zijn strafbaar gesteld juist omdat zij het vertrouwen in het openbaar bestuur ondermijnen. In dit verband zijn met name de volgende bepalingen relevant:

  • Artikel 355 Wetboek van Strafrecht: het strafbaar stellen van het opzettelijk misbruiken van gezag door een ambtenaar.
  • Artikel 359 Wetboek van Strafrecht: het opzettelijk nalaten door een ambtenaar om te handelen overeenkomstig zijn wettelijke verplichtingen, wanneer daardoor rechten van burgers worden geschonden.
  • In voorkomende gevallen kunnen ook artikel 261 Sr (smaad) en artikel 262 Sr (smaadschrift) toepassing vinden, indien een ambtenaar in functie ongefundeerde beschuldigingen verspreidt die de eer of goede naam van een persoon aantasten.

Centraal staat het vereiste van opzet. Strafrechtelijke opzet vergt niet dat het oogmerk bestond om schade toe te brengen. Voldoende is dat de ambtenaar bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat zijn handelen onrechtmatig was en tot schade zou leiden. Juist dit element is zichtbaar zowel in de toeslagenaffaire als in het benaderen van hostingproviders: men was zich bewust van de juridische kwetsbaarheid of onhoudbaarheid van de gekozen handelwijze, maar zette deze desondanks voort.