Rijbewijs kost nu al bijna 4.000 euro, daarna wacht jonge bestuurders torenhoge autoverzekering tussen 3000 en 5000 euro per jaar!

Wanneer een jongere feitelijk de regelmatige bestuurder is, moet dit bij de verzekeraar worden gemeld!

Leestijd: 2 minuten

Voor jongeren tussen de 16 en 21 jaar wordt het behalen van het rijbewijs een steeds grotere financiële investering. Wie bijna 4.000 euro uitgeeft aan rijlessen en examens, krijgt daarna te maken met een volgende kostenpost: de autoverzekering. Juist voor jonge bestuurders kunnen de premies bijzonder hoog uitvallen.

Uit onderzoek van Independer, uitgevoerd door Q&A, blijkt dat veel ouders hun kinderen helpen door een tweede auto aan te schaffen en deze op eigen naam te verzekeren. De helft van de ondervraagden met een tweede auto geeft aan dat hun kind daarin regelmatig rijdt.

Maar deze constructie brengt risico’s met zich mee. Wanneer een jongere feitelijk de regelmatige bestuurder is, moet dit bij de verzekeraar worden gemeld. Gebeurt dat niet, dan kan de verzekeraar besluiten schade niet te vergoeden, de polis beëindigen of de schade op de bestuurder verhalen.

De financiële gevolgen kunnen nog verder oplopen. Volgens het aangehaalde onderzoek betaalt een 20-jarige automobilist bij De Vereende in het onderzochte voorbeeld 381,02 euro per maand voor een WA+-verzekering. Inclusief een waarborgsom van 268 euro komt dat neer op ruim 4.800 euro in één jaar.

Daarmee kan de verzekering alleen al duurder uitvallen dan de complete rijopleiding.

Wat betekent dat voor jongeren die nu moeten beslissen of ze bijna 4.000 euro in hun rijbewijs investeren? Wanneer ook het autorijden daarna duizenden euro’s per jaar kost, wordt het steeds begrijpelijker dat jongeren hun rijopleiding uitstellen of voorlopig helemaal afzien van het rijbewijs. De betaalbaarheid van mobiliteit begint immers niet bij de eerste rijles, maar bij de totale kosten die daarna volgen.

[artikel gaat door onder artikel AD]