Instructeur Farid*: „Zo houd ik mijn CBR-slagingspercentage al jarenlang kunstmatig hoog”

Leestijd: 4 minuten

Een rij-instructeur, die niet met zijn naam in dit artikel wil worden genoemd, zegt al jarenlang gebruik te maken van mogelijkheden binnen het reserveringssysteem van het CBR om ervoor te zorgen dat zijn eigen rijschool een uitzonderlijk hoog slagingspercentage behoudt. Volgens de rijschoolhouder is het systeem relatief eenvoudig te beïnvloeden door examens niet altijd onder de eigen rijschool te reserveren.

„Ik heb via een Rijschool Administratie Kantoor, een RAK, de mogelijkheid om als instructeur bij deze organisatie in te loggen en op naam van de RAK toetsen en examens te reserveren. Die examens tellen dan niet mee in het slagingspercentage van mijn eigen rijschool. Ik betaal daar wel een toeslag voor, maar dat is het mij waard.”

De instructeur stelt dat deze werkwijze grote gevolgen kan hebben voor de manier waarop consumenten rijscholen vergelijken en dat deze werkwijze door het CBR wordt toegestaan.

„Ik doe niets strafbaars. Volgens de website van mijn RAK is deze organisatie partner van het CBR. Ik kan dus kiezen of ik als zogenaamd instructeur van de RAK inlog en reserveer bij het CBR, of dat ik reserveer onder mijn eigen rijschool.”

deze RAK heeft ‘korte lijnen met het CBR’ en is marktleider in Amsterdam, het is niet de RAK waar Farid* mee werkt
het is niet bekend of de getoonde rijscholen wel of niet echte rijopleiders zijn of een RAK

„Ik scoor 100 procent”

Volgens Farid* verschijnt zijn onderneming al jarenlang hoog in de zoekresultaten wanneer consumenten in zijn regio zoeken op termen als ‘slagingspercentage eerste examens’.

„Ik scoor 100 procent, omdat ik alleen de allerbeste leerlingen via mijn eigen inschrijving examen laat doen. Leerlingen waarvan ik denk dat zij minder kansrijk zijn, kunnen op een andere manier worden aangemeld.”

Daarmee ontstaat volgens hem een fundamenteel probleem met de betrouwbaarheid van het slagingspercentage als instrument om consumenten te informeren.

„Een consument ziet een rijschool met 100 procent en denkt: daar slagen alle leerlingen. Maar dat percentage zegt alleen iets over de kandidaten die daadwerkelijk onder die specifieke inschrijving examen hebben gedaan.”

De rijschoolhouder benadrukt dat hij naar eigen zeggen niets doet wat volgens hem verboden is.

de rijschool van Farid* staat niet op deze afbeelding

„Ik ben echt niet de enige”

De anonieme bron zegt dat deze mogelijkheid volgens hem niet beperkt blijft tot kleine rijscholen of individuele instructeurs.

„Ik ben echt niet de enige die dit doet. Er zijn ook grote opleiders die twee inschrijvingen bij het CBR hebben. Ook daarmee kun je resultaten scheiden.”

Volgens zijn beschrijving kunnen kandidaten dan onder verschillende bedrijfsnamen of rechtspersonen worden aangemeld. De rijschoolhouder stelt dat hierdoor een situatie kan ontstaan waarin kandidaten met een grotere kans op succes vooral via één inschrijving examen doen, terwijl andere kandidaten via een andere inschrijving worden aangemeld.

„Dan laat je de minder kansrijke leerlingen examen doen via de ene BV en de kansrijke kandidaten via de andere BV. Die tweede BV komt vervolgens hoog in de zoekresultaten.”

Hij wijst erop dat een dergelijke constructie volgens hem vooral aantrekkelijk is wanneer consumenten hun keuze voor een rijschool mede baseren op de door het CBR gepubliceerde slagingspercentages.

Dakbord als zichtbare voorwaarde

Volgens de rijschoolhouder is er bij deze werkwijze wel een praktisch aandachtspunt.

„Het enige dat je moet regelen, is dat je een dakbord op de lesauto hebt met de juiste naam. Dat wordt af en toe gecontroleerd door de examinator.”

De kern van zijn verhaal is volgens hem dat het CBR-slagingspercentage niet noodzakelijk een volledig beeld geeft van de daadwerkelijke prestaties van een rijschool, wanneer kandidaten en examens over verschillende inschrijvingen kunnen worden verdeeld.

Vraag naar de betrouwbaarheid van de cijfers

De uitspraken van de rij-instructeur roepen opnieuw vragen op over de wijze waarop slagingspercentages worden berekend, gepubliceerd en gebruikt in de communicatie richting consumenten.

Wanneer een rijschoolhouder daadwerkelijk kan bepalen onder welke inschrijving een kandidaat examen doet, ontstaat immers de mogelijkheid om resultaten te verdelen. Een hoog percentage hoeft dan niet uitsluitend het gevolg te zijn van de kwaliteit van de rijopleiding, maar kan mede worden beïnvloed door de selectie van kandidaten die onder een bepaalde bedrijfsnaam aan het examen deelnemen.

Juist omdat slagingspercentages door consumenten worden gebruikt als hulpmiddel bij het kiezen van een rijschool, is transparantie over dergelijke constructies van groot belang.

De vraag is daarom niet alleen of individuele rijschoolhouders gebruikmaken van de mogelijkheden die het reserveringssysteem biedt. De veel belangrijkere vraag is of een slagingspercentage nog als betrouwbare consumentenvoorlichting kan worden gepresenteerd wanneer het systeem ruimte laat om examenresultaten administratief over verschillende inschrijvingen te verdelen.

„Iedereen kijkt naar dat percentage,” zegt de rijschoolhouder. „Maar als je weet hoe het systeem werkt, weet je ook dat een hoog percentage niet altijd betekent wat de consument denkt dat het betekent.”

* Farid is niet de echte naam van de instructeur