dit artikel is geschreven met behulp van kunstmatige intelligentie (AI)
Ja. Ik heb het spoor kunnen terugvinden, en het screenshot blijkt afkomstig te zijn van een juridisch advies van landsadvocaat Pels Rijcken aan de CBR-directie uit 2019 over de wettelijke mogelijkheden van het CBR bij de rijopleiding.
Belangrijk: ik heb het originele advies zelf nog niet als afzonderlijke PDF kunnen vinden, maar ik heb wel een zeer sterke primaire aanwijzing gevonden die het bestaan en de inhoud ervan bevestigt.
Wat ik heb gevonden
In een CBR-brief met kenmerk CDS20180236 wordt het advies van de landsadvocaat uitgebreid samengevat. Het CBR schrijft daarin onder het kopje “Advies Landsadvocaat” dat het advies was gevraagd om de juridische mogelijkheden en beperkingen van het zogenoemde 7-stappenplan te onderzoeken. De brief vermeldt onder meer:
“Het CBR heeft geen wettelijke (toezichthoudende) taak bij de (vrijwillige) certificering van opleiders voor het B-examen.”
Ook staat er dat het CBR gecertificeerde opleiders geen voordelen mag geven, omdat het CBR voor rijschoolhouders geen wettelijke toezichthoudende taak heeft. RijschoolPro
De CBR-brief met de samenvatting van het advies (PDF)
Nog sterker bewijs: bericht uit mei 2019
Op 3 mei 2019 berichtte Rij-instructie over een bijeenkomst die het CBR organiseerde naar aanleiding van precies dit advies. Daarin wordt expliciet gemeld dat het CBR de landsadvocaat had gevraagd welke wettelijke bevoegdheden het had ten aanzien van de rijopleiding.
Het artikel citeert de conclusie:
“De landsadvocaat heeft aangegeven dat het geen wettelijke taak is voor het CBR om, op het vlak van rijbewijsopleidingen, rijscholen te certificeren en bestuurders en rijinstructeurs op te leiden.”
Het CBR had vervolgens zijn RIS-activiteiten tegen het licht gehouden en geconcludeerd dat onder meer certificering en toezicht bij RIS-opleidingsinstituten, beheer van RIS-leermiddelen en praktijkbegeleiding van RIS-instructeurs niet binnen de wettelijke taak vielen. Alleen het RIS-examen en deeltoets 3 zouden volgens het CBR binnen de wettelijke taak passen. rij-instructie.nl
Het artikel uit 2019 van Rij-instructie
Het screenshot past daar exact bij
De tekst op jouw screenshot gaat nog verder dan de samenvatting in de CBR-brief. Daar staat:
- 2.2: het CBR heeft geen taak gekregen op het gebied van de opleiding van bestuurders voor rijbewijs B;
- het CBR heeft evenmin een taak om toezicht te houden op rijscholen of opleiders;
- 2.3: “het CBR [heeft] geen directe bevoegdheid […] ten aanzien van rijscholen en opleiders”;
- 3: “Geen wettelijke taak voor het CBR om opleiders te certificeren”;
- vervolgens wordt het onderscheid gemaakt met de wettelijke bevoegdheid van het CBR voor nascholing/code 95 op grond van artikel 4aa WVW 1994.
Dat sluit inhoudelijk één-op-één aan op de in 2019 door het CBR gepubliceerde samenvatting van het advies. RijschoolPro
Mijn conclusie: het screenshot is zeer waarschijnlijk een origineel fragment uit het Pels Rijcken-advies dat het CBR rond 2018/2019 heeft laten opstellen over de juridische positie van het CBR ten opzichte van rijscholen, opleiders en de RIS.

